Hoofdluis: controleren is het halve werk

                                                                        
Hoofdluis is op veel scholen een regelmatig terugkerend probleem en het is moeilijk om er vanaf te komen. Het heeft niets te maken met gewassen of ongewassen haar. Het is gewoon een kwestie van pech hebben. Hoofdluis verspreidt zich razendsnel, dus hoe eerder we erbij zijn, hoe kleiner de kans is dat de hoofdluis zich uitbreidt. Vaak controleren is dus belangrijk, zowel thuis als op school.

Hoe herken ik luizen?
Hoofdluizen zijn parasieten; ze leven van mensenbloed en zoeken graag behaarde, warme plekjes op. Ze zitten bij voorkeur onder de pony, achter de oren of in de nek. Elke diersoort, dus ook de mens, heeft zijn eigen luizensoort. Luizen worden dus niet van dier naar mens, of andersom, overgedragen. Een hoofdluis is grijsblauw of, nadat hij bloed opgezogen heeft, roodbruin van kleur. Hij is ongeveer 3 millimeter groot maar kan ook (als hij pas uit het neetje is) veel kleiner zijn. De eitjes van de hoofdluis heten neten. Ze zijn grijs/wit en lijken op roos. Het verschil is dat roos los zit, terwijl neten juist aan de haren kleven. Een jonge luis is na 7-10 dagen volwassen en klaar om zelf eitjes te leggen. Hij leeft dan ongeveer één maand en legt in die tijd zo'n 250 eitjes. Snel ingrijpen is bij hoofdluis dus erg belangrijk. Hoofdluizen lopen van het ene hoofd naar het andere. Ook steken ze over via jassen, mutsen, hoofddoekjes, of borstels. Kinderen tussen de 3 en de 12 jaar krijgen vaker hoofdluis omdat ze vaker letterlijk de hoofden bij elkaar steken tijdens het spelen. Hoofdluis is beslist geen drama en het is betrekkelijk onschadelijk. Vaak ontstaat alleen jeuk, maar door krabben kunnen infecties ontstaan. Het krijgen van hoofdluis heeft niets te maken met lichamelijke hygiëne.

Hoe ontdek je hoofdluis?
 Kijk goed tussen de haren: vooral achter de oren, in de nek en onder de pony. Vaak kun je de hoofdluizen dan zien bewegen. Als je geen luizen ziet, maar wel grijswitte puntjes, kan het toch om hoofdluis gaan. Die puntjes kunnen de neten zijn. Je kunt het haar ook kammen met een luizen- of netenkam boven wit papier of de wasbak. De luizen zullen op het papier of in de wasbak vallen als kleine grijsblauw of roodbruin gekleurde spikkels.

Luizen! Wat nu?
De juiste bestrijdingsmethode is een antihoofdluismiddel dat Dometicon bevat bv. XT luis of Nidya. Je kunt het krijgen bij de drogist. Verder kun je, je kind geregeld uitkammen, gedurende twee weken het haar dagelijks nat maken met conditioner en doorkammen met een netenkam. Als je echter een middel met Dometicon gebruikt is dit niet noodzakelijk. Gebruik geen middel dat geen Dometicon bevat, tegen veel van deze middelen zijn de luisjes inmiddels resistent en zullen daarom weinig resultaat geven. De behandeling moet altijd na een dikke week herhaald worden, volg daarbij de instructie op de bijslijter. Was kleding, beddengoed, jassen, dassen, mutsen, verkleedkleren, etc. minimaal 10 minuten op ten minste 60°C. In plaats van wassen kun je de spullen stomen. Een andere mogelijkheid is om ze 24 uur in de diepvries te leggen of 7 dagen te bewaren in een afgesloten zak bij kamertemperatuur. Vergeet ook niet alle kammen en borstels goed schoon te maken, bijvoorbeeld door ze uit te koken of te ontsmetten met alcohol (70%). Als je kind lang of half lang haar heeft, is het handig om de haren in een vlecht of knot te dragen, zo is de kans kleiner dat het de luisjes overdraagt aan anderen of dat het ze zelf weer krijgt. Meld zo snel mogelijk bij de leerkracht van je kind dat je hoofdluis hebt geconstateerd, vertel het ook op de kinderopvang, aan opa's, oma's, buren, oppassers en ouders van vriendjes. Anderen kunnen dan ook controleren. Hou er rekening mee dat luisjes in het zwembad overleven, dat dit dus een goed besmettingplek is.

Luizenmoeders
Ook op de Avonturijn zijn er luizenmoeders actief. Op de eerste woensdag, na elke vakantie, controleren de luizenmoeders alle kinderen van de school. Via de controles zijn we er ook als school snel bij als een kind hoofdluis heeft. In dat geval informeert de leerkracht betreffende ouder(s)/verzorgers over de mogelijkheden voor het behandelen. De andere ouder(s)/verzorgers uit dezelfde groep krijgen een nieuwsmelding van ISY waarin staat vermeld dat er in deze groep hoofdluis is geconstateerd. Heb je geen nieuwsmelding van ISY gekregen dan is er dus in de groep van jou kind geen hoofdluis gevonden.